Rekenvoorbeeld: wat de BOR concreet bespaart bij een overlijden
Hoeveel scheelt de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) nu werkelijk, in euro’s, als een ondernemer onverwacht overlijdt? Dit rekenvoorbeeld laat twee situaties zien — met en zonder bedrijfspand binnen de onderneming — om concreet te maken wat de vrijstelling in de praktijk oplevert.
De uitgangssituatie
Stel: Sander Kramer is samen met zijn zakenpartner Lotte Hendriks eigenaar van KramerHendriks B.V., een technisch adviesbureau. Ieder houdt 50% van de aandelen, via een eigen persoonlijke holding. Daarnaast bezit Sander’s holding een bedrijfspand dat wordt verhuurd aan de werk-bv.
Vraag 1: Sander komt te overlijden — zonder bedrijfspand
Stel eerst dat er geen bedrijfspand in het spel is, en dat Sander’s aandeel in de werk-bv (zijn 50%-belang) een waarde vertegenwoordigt van €1.200.000.
De BOR-berekening: de eerste €1.543.500 (2026) van kwalificerend ondernemingsvermogen is volledig vrijgesteld. Omdat de volledige waarde van €1.200.000 onder deze drempel blijft, is de gehele verkrijging 100% vrijgesteld van erfbelasting. Sander’s erfgenamen zijn in dit scenario dus geen cent erfbelasting verschuldigd over het ondernemingsvermogen.
Vraag 2: Sander komt te overlijden — mét bedrijfspand
Nu voegen we het bedrijfspand toe. Sander’s holding bezit, naast het 50%-belang in de werk-bv (eveneens €1.200.000 waard), ook het bedrijfspand dat aan de werk-bv wordt verhuurd, met een waarde van €650.000.
Eerste vraag: telt het bedrijfspand mee als ondernemingsvermogen? Omdat het pand wordt verhuurd aan de eigen werk-bv — dus binnen het concern, niet aan een derde — telt het pand gewoon mee als ondernemingsvermogen voor de BOR (zie ons artikel over vastgoedverhuur en de BOR voor de uitzonderingen op de hoofdregel dat verhuurd vastgoed beleggingsvermogen is).
De totale waarde van de objectieve onderneming komt daarmee uit op €1.200.000 (aandelenbelang) + €650.000 (bedrijfspand) = €1.850.000.
De BOR-berekening:
| Onderdeel | Bedrag |
|---|---|
| Totale waarde ondernemingsvermogen | €1.850.000 |
| Eerste schijf: 100% vrijgesteld | €1.543.500 |
| Restant | €306.500 |
| Daarvan 75% vrijgesteld | €229.875 |
| Belast deel | €76.625 |
Van de €1.850.000 is dus €1.773.375 vrijgesteld, en blijft €76.625 belast — nog altijd meer dan 95% van de totale waarde blijft buiten de heffing.
Vraag 3: en Lotte’s situatie, zonder BOR ter vergelijking?
Ter illustratie van het verschil: stel dat Lotte’s 50%-belang eveneens €1.200.000 waard is, maar dat zij (hypothetisch) geen beroep zou kunnen doen op de BOR — bijvoorbeeld omdat niet aan de bezitseis is voldaan. In dat geval zou over de volledige €1.200.000 erfbelasting verschuldigd zijn tegen het reguliere tarief (10% tot €158.669, 20% daarboven, voor verkrijging door kinderen), wat al snel kan oplopen tot meer dan €200.000 — in schril contrast met de situatie mét BOR, waarin de volledige €1.200.000 onder de drempel van €1.543.500 valt en dus volledig vrijgesteld zou zijn.
Een praktische tip: investeer tijdig in de onderneming
Een punt dat in de voorbereiding op dit soort scenario’s vaak wordt vergeten: de BOR-vrijstelling wordt berekend over het ondernemingsvermogen. Heeft u privévermogen dat u toch al had willen inzetten voor de onderneming — bijvoorbeeld om een bankschuld van de bv af te lossen — dan kan het vanuit dit perspectief voordelig zijn dit vóór een overlijden te doen in plaats van pas daarna. Een storting die de ondernemingswaarde verhoogt (of de schuldenlast verlaagt) vergroot de grondslag waarover de BOR-vrijstelling wordt berekend.
Wat dit rekenvoorbeeld laat zien
De drempel van €1.543.500 is voor veel mkb-ondernemingen al ruim voldoende om de volledige waarde vrijgesteld te krijgen — zoals in vraag 1 van dit voorbeeld. Pas bij een hogere ondernemingswaarde, of wanneer er aanvullend vermogen zoals een bedrijfspand wordt meegerekend, komt het 75%-vrijstellingspercentage voor het meerdere in beeld.
Vastgoed binnen het concern telt gewoon mee, in tegenstelling tot vastgoed dat aan derden wordt verhuurd — een onderscheid dat de uiteindelijke berekening aanzienlijk kan beïnvloeden.
Als fiscalist en adviseur maak ik dit soort berekeningen het liefst vóórdat er daadwerkelijk iets gebeurt — niet pas na een overlijden, wanneer de erfgenamen worden geconfronteerd met de uitkomst zonder dat er nog ruimte is om de structuur bij te sturen.
Tot slot
Dit rekenvoorbeeld laat zien dat de BOR voor de meeste mkb-ondernemingen een zeer forse besparing oplevert — vaak de volledige waarde, zeker bij ondernemingen die onder de drempel van €1.543.500 blijven. Weet u niet zeker hoe uw eigen situatie uitpakt, zeker als er naast de aandelen ook ander vermogen zoals een bedrijfspand in het spel is?
