Ga naar de hoofdinhoud
Inhoudsopgave
Afdrukken

Alles over de juridische splitsing van uw bv

Stel, u heeft een holding met daaronder een werkmaatschappij. In die holding zit ook wat spaargeld. Misschien nog een pensioenpotje uit het verleden. U wilt op een gegeven moment de werkmaatschappij overdragen aan uw kind. Maar dat spaargeld wilt u liever zelf houden. Hoe pakt u dat aan zonder dat de fiscus meteen een forse rekening stuurt?

Het antwoord is vaak: een juridische splitsing. Dit is een van de meest gebruikte technieken in de bedrijfsopvolgingspraktijk, en toch snappen weinig ondernemers precies wat het inhoudt. In dit artikel leggen we uit wat een splitsing is, wanneer u hem nodig heeft, wat hij kost en waar de valkuilen zitten. We gebruiken voorbeelden, geen juridisch jargon zonder uitleg.

Wat is een juridische splitsing eigenlijk?

Een juridische splitsing is een manier om het vermogen van een bv te verdelen over meerdere bv's. Niet door alles los te verkopen. Niet door alles handmatig over te boeken. Maar in één keer, via de notaris, onder "algemene titel". Dat laatste betekent simpelweg dat alle bezittingen, schulden en contracten automatisch meegaan naar de nieuwe bv, zonder dat u elk onderdeel apart hoeft over te dragen.

Er zijn twee varianten.

Bij een zuivere splitsing houdt de oude bv op te bestaan. Er komen twee of meer nieuwe bv's voor in de plaats. Denk aan een bedrijf met twee compagnons die uit elkaar gaan en ieder met hun eigen onderdeel verder willen.

Bij een afsplitsing blijft de oude bv gewoon bestaan. Er gaat alleen een deel van het vermogen naar een nieuwe bv. Dit is verreweg de meest voorkomende vorm in de praktijk. U ziet dit bijvoorbeeld als een ondernemer zijn holding splitst in een deel met de onderneming en een deel met het overtollige vermogen.

Het verschil met een gewone verkoop of overdracht is dat een splitsing, als u aan de voorwaarden voldoet, geen belastingheffing veroorzaakt. Geen vennootschapsbelasting over de overgedragen bezittingen. Geen inkomstenbelasting bij de aandeelhouder over de waardestijging van zijn aandelen. De fiscus "kijkt even de andere kant op", zolang de splitsing geen verkapte verkoop is.

Waarom ondernemers hun bv splitsen

Er zijn een paar terugkerende redenen waarom een splitsing in beeld komt.

Voorbereiding op bedrijfsopvolging. Dit is misschien wel de meest voorkomende reden. Een ondernemer wil zijn bedrijf ooit schenken of nalaten aan zijn kinderen, maar niet het spaargeld of de beleggingen die in dezelfde bv zitten. Door te splitsen, komt het ondernemingsvermogen in een aparte, "schone" bv terecht. Die kan daarna gericht worden overgedragen.

Risicospreiding. Vermogen dat niets te maken heeft met de dagelijkse bedrijfsvoering, wilt u misschien liever niet in dezelfde bv hebben als waar het bedrijfsrisico zit. Een splitsing haalt dat vermogen eruit.

Uit elkaar gaan met compagnons. Twee aandeelhouders die ieder hun eigen weg willen, kunnen via een splitsing ieder met hun eigen bv verdergaan. In de vaktaal heet dit een ruziesplitsing, ook al hoeft er helemaal geen ruzie aan ten grondslag te liggen.

Voorbereiding op verkoop. Wilt u een deel van uw onderneming verkopen, maar niet alles? Dan kunt u dat deel eerst afsplitsen naar een aparte bv en vervolgens de aandelen van die bv verkopen.

Wat kost een splitsing?

Laten we daar eerlijk over zijn: een splitsing is niet gratis. Er komt een notaris aan te pas voor de splitsingsakte, en meestal ook een accountant voor de waardering en de begeleidende stukken. Reken op een kostenpost van minimaal vijftienduizend euro. Bij grotere of ingewikkeldere structuren kan dit flink oplopen.

Dat klinkt als veel geld. Maar vergelijk het met het alternatief. Zonder splitsing zou u bij het scheiden van vermogen soms moeten verkopen of uitkeren, met belastingheffing tot gevolg die al snel in de tonnen kan lopen. De kosten van een splitsing zijn vaak een fractie van wat u anders aan belasting kwijt zou zijn.

De spelregels voor de bv zelf

Voor de vennootschapsbelasting geldt in beginsel dat een splitsing een "eindafrekeningsmoment" is. De wet doet alsof de bv haar vermogen verkoopt op het moment van splitsen. Dat zou tot een flinke belastingaanslag leiden, als er geen uitzondering bestond.

Die uitzondering is er gelukkig wel. Voldoet de splitsing aan vier voorwaarden, dan blijft de belastingheffing achterwege:

De splitsende en de ontvangende vennootschap moeten dezelfde fiscale regels volgen.

Geen van beide partijen mag nog openstaande verliezen hebben die ze willen verrekenen.

De fiscus moet er zeker van zijn dat er later alsnog wordt afgerekend, via het doorschuiven van de boekwaarden.

En de belangrijkste: de splitsing mag niet voornamelijk bedoeld zijn om belasting te ontwijken of uit te stellen.

Voldoet uw splitsing hieraan, dan hoeft u niets aan te vragen. De boekwaarden schuiven gewoon automatisch door. Is dat niet zo, dan moet u vooraf een verzoek indienen bij de Belastingdienst, en kan de inspecteur aanvullende voorwaarden stellen.

Let op de timing. Dit verzoek moet u vóór de splitsing zelf indienen. Bent u te laat, dan kunt u nog een beroep doen op een goedkeuring achteraf, maar dat kan alleen zolang uw belastingaanslag nog niet definitief vaststaat. Staat die aanslag al vast, dan is de trein vertrokken.

Het zakelijkheidsvereiste: waar het vaak misgaat

Dat vierde punt, geen belastingontwijking, verdient extra aandacht. De wetgever wil voorkomen dat mensen een splitsing gebruiken als sluiproute om vermogen onbelast te verkopen.

Daarom geldt een vuistregel: verkoopt u binnen drie jaar na de splitsing de aandelen in de gesplitste of de ontvangende vennootschap, dan gaat de wet er in beginsel van uit dat er geen zakelijke reden achter de splitsing zat. U moet dan zelf aantonen dat dit niet klopt.

Hoe doet u dat? Door te laten zien dat er op het moment van splitsen nog geen gesprekken liepen met een koper. Een verklaring van de koper zelf, of van uw accountant, kan daarbij helpen.

Hier is recent iets belangrijks veranderd. Begin 2026 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat deze regel, zoals die lange tijd werd toegepast, eigenlijk te streng was. Het ging om een verzekeraar die haar onderneming wilde verkopen via een splitsing. De Belastingdienst weigerde de vrijstelling, omdat de verkoop binnen drie jaar plaatsvond. Het gerechtshof steunde de inspecteur.

De Hoge Raad dacht daar anders over. De Europese regels waarop onze wet is gebaseerd, staan niet toe dat de fiscus bij voorbaat aanneemt dat er geen zakelijke reden is, zonder daar zelf ook maar enig bewijs voor aan te dragen. De inspecteur moet dus minstens een begin van bewijs leveren dat er iets niet in de haak is. Pas dan ligt de bal weer bij u om uit te leggen waarom uw splitsing wél zakelijk was.

De Hoge Raad voegde er nog iets nuttigs aan toe: ook motieven die te maken hebben met de aandeelhouders zelf, zoals het uit elkaar gaan van compagnons of het voorbereiden van een bedrijfsopvolging, kunnen heel goed zakelijke motieven zijn. Het is dus niet zo dat alleen "harde" bedrijfseconomische redenen tellen.

Dit arrest heeft al gevolgen. Er ligt een wetsvoorstel om de strenge regel helemaal te schrappen per 1 januari 2027. Voor nu geldt echter nog de oude regel, zij het met deze belangrijke nuancering over de bewijslast.

En de aandeelhouder? De kant van de inkomstenbelasting

Niet alleen de bv wordt getoetst. Ook u als aandeelhouder krijgt met de fiscus te maken.

De wet doet namelijk alsof u bij een splitsing uw aandelen verkoopt. Dat zou normaal gesproken belasting opleveren over de waardestijging van uw aandelen sinds u ze kreeg. Maar ook hier bestaat een uitzondering: bij een kwalificerende splitsing blijft deze heffing op verzoek achterwege.

Wat er in de praktijk gebeurt, is dat de "aankoopprijs" die u ooit voor uw aandelen betaalde, wordt verdeeld over uw oude en uw nieuwe aandelen. Stel, u had aandelen met een verkrijgingsprijs van honderdduizend euro. Na de splitsing heeft u aandelen in twee bv's. Die honderdduizend euro wordt dan verdeeld, naar rato van de waarde die elk deel vertegenwoordigt.

Krijgt u bij de splitsing ook een beetje geld toe, bijvoorbeeld om de verhoudingen recht te trekken? Dat mag, maar niet onbeperkt. De bijbetaling mag niet meer zijn dan tien procent van de nominale waarde van de nieuwe aandelen. Is dat bedrag hoger, dan kan dit alsnog tot belastingheffing leiden.

Heeft u een fiscale eenheid? Dan is er nog iets om op te letten

Veel ondernemers met een holding en een werkmaatschappij hebben een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. Dat betekent dat de holding en de werkmaatschappij voor de belasting als één geheel worden gezien.

Splitst u de holding zelf, bijvoorbeeld om het beleggingsvermogen eruit te halen, dan blijft die fiscale eenheid gewoon intact. De band tussen de oorspronkelijke holding en de werkmaatschappij verandert immers niet. Het maakt daarbij niet uit of er bij de aandeelhouders van de holding iets verandert.

Splitst u echter de werkmaatschappij zelf los van de fiscale eenheid, dan is het verhaal anders. Dan verbreekt de bestaande fiscale eenheid, en moet u een nieuwe aanvragen tussen de nieuwe structuur.

Er is wel een uitzondering mogelijk. U kunt bij de Belastingdienst een verzoek indienen om de fiscale eenheid tóch in stand te houden, zolang de betrokken bedrijven binnen hetzelfde concern blijven. Dit verzoek moet u uiterlijk bij uw belastingaangifte indienen. Omdat dit nogal eens wordt vergeten, is het verstandig om dit als apart, afzonderlijk verzoek in te dienen, zodat het niet tussen wal en schip valt.

De ruziesplitsing: uit elkaar zonder gedoe

We noemden het al kort: de ruziesplitsing. De naam is een beetje misleidend, want ruzie is niet nodig.

Het idee is simpel. Twee aandeelhouders bezitten samen een bv met daarin bijvoorbeeld twee winkels. Ze willen allebei met hun eigen winkel verder, maar niet meer samen. Via een splitsing krijgt de ene aandeelhouder zijn eigen bv met winkel één, en de andere zijn eigen bv met winkel twee. De oude, gezamenlijke bv houdt op te bestaan.

Dit gebeurt in de praktijk ook veel zonder dat er daadwerkelijk onenigheid is. Denk aan twee broers die samen een houdstermaatschappij hebben, en die ieder hun eigen holding willen om zelf te kunnen bepalen hoe ze hun pensioen opbouwen, hoe ze beleggen, of wanneer hun eigen kinderen instappen.

Is zo'n splitsing precies gelijk te verdelen? Vaak niet helemaal. Dan kan op papier een kleine vordering of schuld tussen de twee nieuwe bv's worden opgenomen, zodat de verdeling in waarde eerlijk uitkomt, ook al zijn de twee delen van de onderneming niet precies even veel waard.

Een belangrijke valkuil is hierbij ooit aan het licht gekomen in een rechtszaak over twee broers. De ene broer had alleen preferente aandelen, de andere de gewone aandelen. Bij hun splitsing kreeg de ene bv alleen maar liquide middelen, afkomstig uit een lening. De Hoge Raad vond dit geen echte splitsing, maar eigenlijk een uitkoop van de ene broer door de andere. De belastingvrijstelling werd daarom geweigerd. De les hieruit: bij een ruziesplitsing moet er aan beide kanten daadwerkelijk iets substantieels overblijven, geen kale lening.

Splitsing en bedrijfsopvolging: de BOR

Nu komen we bij het onderwerp waar de meeste ondernemers die dit artikel lezen, waarschijnlijk voor komen: hoe past splitsing in een bedrijfsopvolging?

Wilt u aandelen schenken aan uw kind met gebruik van de bedrijfsopvolgingsregeling, de BOR, dan zijn er grofweg drie routes.

Route één: schenken bovenlangs, na splitsing

Dit is de meest gebruikte methode. U splitst eerst uw holding. De onderneming gaat naar een nieuwe, "schone" bv. Het overige vermogen, zoals beleggingen of een pensioenvoorziening, blijft achter in de oude bv. Daarna schenkt u de aandelen in die nieuwe bv aan uw kind.

Het voordeel is duidelijk: u schenkt alleen wat u wilt schenken, zonder dat het beleggingsvermogen de BOR-berekening verstoort. Bovendien kan de belastingclaim op uw aandelen, de zogeheten aanmerkelijkbelangclaim, meeverhuizen naar uw kind zonder dat u nu hoeft af te rekenen.

Er is wel een addertje onder het gras. Strikt genomen voldoet die nieuwe bv niet aan de eis dat zij al vijf jaar een onderneming moet drijven, want zij bestaat nog maar net. In de praktijk levert dit zelden problemen op, zolang de onderliggende onderneming zelf al wel langer bestaat. Toch is hier geen harde garantie voor, dus is zorgvuldige voorbereiding belangrijk.

Let op als er een bedrijfspand op de balans staat dat u mee wilt laten splitsen. Sinds de zomer van 2025 geldt voor de overdrachtsbelasting een strengere eis bij dit soort splitsingen. Gaat het pand mee naar de nieuwe bv, dan kan daarover alsnog overdrachtsbelasting verschuldigd zijn, waar dat vroeger niet zo was. Een oplossing is om de splitsing "om te draaien": u laat de bestaande structuur met het bedrijfspand erin juist staan, en splitst het overige vermogen eraf naar een nieuwe bv.

Heeft u echter een lijfrente op de balans staan, bijvoorbeeld een oudedagsvoorziening die ooit is ontstaan bij de inbreng van uw bedrijf in een bv? Dan werkt die omgedraaide route juist weer niet zomaar. Het verplaatsen van zo'n lijfrente naar een nieuwe bv wordt namelijk gezien als een verboden handeling, met een forse naheffing als gevolg. In zo'n geval kan het verstandiger zijn om de lijfrente eerst extern onder te brengen bij een verzekeraar, of te accepteren dat deze meegaat met de schenking.

Route twee: schenken onderlangs

Bij deze route splitst u helemaal niets. U draagt de aandelen van de werkmaatschappij rechtstreeks, vanuit uw holding, over aan uw kind of de holding van uw kind, tegen een te lage prijs of gratis.

Het voordeel: u hoeft geen dure splitsing te doen. Bovendien komt een eventuele koopschuld meteen in de holding van uw kind terecht, waardoor de rente daarover kan worden verrekend met de winst van de werkmaatschappij. En uw kind krijgt een hogere "aankoopprijs" voor de aandelen, wat later weer voordelig kan zijn als er ooit kapitaal onbelast moet worden terugbetaald.

Het nadeel is groter dan bij de andere route: u moet bij deze schenking wél direct afrekenen over de waardestijging van uw aandelen, omdat de belastingclaim hier niet kan worden doorgeschoven. Gelukkig bestaat er een coulante, renteloze betalingsregeling, zodat u niet in één keer hoeft te betalen.

Route drie: direct schenken zonder tussenstap

Een derde, eenvoudigere variant is simpelweg schenken zonder voorafgaande splitsing of de onderlangse route, in situaties waarin de holding al "schoon" genoeg is om in zijn geheel te schenken. Dit komt minder vaak voor, omdat de meeste holdings in de loop der jaren toch wat extra vermogen hebben opgebouwd dat je liever niet meeschenkt.

De BOR-cijfers voor 2026

Even de actuele bedragen op een rij, zodat u weet waar we het over hebben. In 2026 is de eerste 1.543.500 euro aan ondernemingsvermogen volledig vrijgesteld van schenk- of erfbelasting. Daarboven geldt een vrijstelling van 75 procent. Dit bedrag geldt per onderneming, niet per kind dat u iets schenkt.

Verkoopt uw kind de onderneming binnen drie jaar na de schenking, dan kan de Belastingdienst de eerder genoten vrijstelling alsnog terugvorderen. Vroeger was deze termijn vijf jaar, maar sinds 2025 is dit verkort naar drie jaar.

Nog een wijziging om te onthouden: vroeger moest uw kind minstens 36 maanden in dienst zijn geweest bij uw bedrijf voordat u kon schenken met de BOR. Die eis is per 2025 vervallen. In plaats daarvan geldt nu simpelweg een minimumleeftijd van 21 jaar voor degene die de aandelen krijgt.

Een voorbeeld, van begin tot eind

Laten we het concreet maken met een verhaal. Stel, Theo heeft een groothandel in meubelbeslag. Die onderneming zit in een werkmaatschappij, onder een holding. In de holding zit, naast de aandelen van de werkmaatschappij, ook nog zo'n zeshonderdduizend euro aan opgespaarde winst. Geld dat Theo nooit heeft uitgekeerd, en dat op een spaarrekening staat.

Theo is 62. Zijn dochter Nina werkt al acht jaar in de zaak en gaat hem opvolgen. Theo wil haar de aandelen schenken, maar niet dat spaargeld. Dat wil hij zelf houden, voor zijn pensioen.

Zonder splitsing zou Theo al zijn aandelen in de holding moeten schenken, inclusief het spaargeld. Dat spaargeld telt niet mee als ondernemingsvermogen, dus daar zou gewoon schenkbelasting over verschuldigd zijn. Geen leuk vooruitzicht.

Theo kiest daarom voor een splitsing. Samen met zijn adviseur en de notaris wordt de holding afgesplitst. De aandelen in de werkmaatschappij gaan naar een nieuwe bv, die we even Nina Holding noemen. Het spaargeld blijft achter in de oude holding, die Theo zelf blijft houden.

Deze splitsing gebeurt zonder dat Theo hoeft af te rekenen, zowel niet voor de vennootschapsbelasting als niet voor zijn eigen inkomstenbelasting. De reden voor de splitsing is immers duidelijk zakelijk: het voorbereiden van een echte bedrijfsopvolging. Precies het soort motief dat de wetgever altijd al als geldig heeft bestempeld.

Een paar maanden later schenkt Theo de aandelen in Nina Holding aan zijn dochter. Omdat de onderneming onder de grens van 1.543.500 euro blijft, is de volledige schenking vrijgesteld van schenkbelasting. Nina is inmiddels 30 jaar, dus ook aan de leeftijdseis is voldaan. De belastingclaim op Theo's aandelen schuift automatisch door naar Nina.

Drie jaar later overweegt Nina de onderneming te verkopen aan een branchegenoot. Dat kan gewoon, want de driejaarstermijn na de schenking is dan net verstreken. Was dit eerder gebeurd, dan had de Belastingdienst een deel van de eerder genoten vrijstelling kunnen terugvorderen.

Dit voorbeeld laat precies zien waarom een splitsing vaak de eerste stap is in een goed voorbereide bedrijfsopvolging. Niet omdat het ingewikkeld moet zijn, maar omdat het de onderneming scheidt van wat er niet bij hoort.

Nog een paar technische punten die het verschil kunnen maken

Wat gebeurt er met een eerder gevormde herinvesteringsreserve?

Heeft uw bv ooit een bedrijfsmiddel verkocht met winst, en die winst apart gezet in een herinvesteringsreserve om later belastingvrij te herinvesteren? Dan is het goed om te weten dat zo'n reserve gewoon mee kan worden verdeeld bij een splitsing. De reserve gaat dan naar de bv die het beste past bij het plan om daadwerkelijk te herinvesteren. Let wel op: verkoopt u de aandelen van die bv al snel daarna, dan kan de fiscus zich afvragen of dat herinvesteringsvoornemen wel serieus was. Er is hierover rechtspraak die alle kanten op wijst, dus dit vraagt om zorgvuldige onderbouwing.

Let op bij misbruiksituaties en dividendbelasting

Een detail dat weinig mensen kennen: ook de dividendbelasting kan een rol spelen bij een splitsing. In situaties waarin de fiscus misbruik vermoedt, kan het vermogen van de splitsende bv alsnog worden gezien als een winstuitkering. Dit speelt vooral bij constructies die wel erg kunstmatig ogen. Een reden te meer om een splitsing altijd met een heldere, aanwijsbare zakelijke reden te onderbouwen.

De truc met vastgoed en verkoop aan een derde

Heeft u een structuur waarbij uw holding zowel de werkmaatschappij als een apart vastgoedbedrijf bezit, en wil een koper straks beide tegelijk overnemen? Dan kan er onder omstandigheden overdrachtsbelasting verschuldigd zijn over het vastgoed, omdat de vennootschap waarin het vastgoed zit, fiscaal als een soort "vastgoedlichaam" wordt gezien.

Een manier om dit te voorkomen, is door eerst uw holding te splitsen, zodat het vastgoedbedrijf en de werkmaatschappij samen in een nieuwe, afgesplitste holding komen te zitten. Vervolgens verkoopt u de aandelen van die nieuwe holding in plaats van de onderliggende bezittingen apart. Dit is een technische route die alleen zinvol is bij een daadwerkelijke verkoop aan een derde, en die zorgvuldige begeleiding vereist, onder meer omdat er een wachttermijn van twaalf maanden geldt voordat dit volledig uitgewerkt kan worden.

Verkopen tegen een lagere prijs dan de werkelijke waarde

Soms wil een ouder de onderneming niet gratis schenken, maar ook niet voor de volle marktwaarde verkopen. Bijvoorbeeld de helft van de waarde, contant, en de andere helft als schenking. Dat kan. Over het verkochte deel moet dan gewoon worden afgerekend, maar alleen voor zover dat boven de oorspronkelijke aankoopprijs van de aandelen uitkomt. Over het geschonken deel kan, als aan de voorwaarden is voldaan, de belastingclaim weer doorschuiven. Blijft uw kind de koopsom schuldig, dan is er voor dat deel ook nog een betalingsregeling mogelijk, waarbij de belasting in tien jaarlijkse termijnen mag worden afbetaald. Let op: deze regeling geldt alleen als de koopsom in zijn geheel schuldig wordt gebleven, niet voor een deel ervan.

Als uw kind de aandelen in een eigen holding wil

Nog een praktisch punt waar veel mensen tegenaan lopen. Uw kind krijgt de aandelen geschonken, en wil deze het liefst meteen onderbrengen in een eigen holding, bijvoorbeeld om aansprakelijkheidsrisico's te spreiden.

Dat kan niet zomaar rechtstreeks. Schenkt u de aandelen direct aan de holding van uw kind, in plaats van aan uw kind zelf, dan werkt de belastingvriendelijke doorschuifregeling niet. De wet eist namelijk dat de ontvanger van de aandelen een persoon is die in Nederland inkomstenbelasting betaalt. Een holding voldoet daar niet aan.

De oplossing: u schenkt de aandelen eerst aan uw kind zelf. Heeft uw kind daarna meer dan vijftig procent van de aandelen, dan kan hij of zij die vervolgens via een aandelenfusie, een vergelijkbare techniek als de splitsing, belastingvrij onderbrengen in een eigen holding.

Veelgemaakte fouten

We zetten de belangrijkste valkuilen nog even op een rij.

Te laat beginnen. Een splitsing kost tijd. De notaris en de accountant hebben weken nodig voor de voorbereiding. Begint u pas na te denken over een splitsing op het moment dat de overdracht al acuut is, dan loopt u het risico dat u niet op tijd klaar bent, of dat de splitsing te veel samenvalt met een voorgenomen verkoop, wat weer vragen oproept over de zakelijkheid ervan.

Het bedrijfspand vergeten. Zoals we eerder beschreven, kan een bedrijfspand dat meegaat in een splitsing, sinds medio 2025 alsnog tot overdrachtsbelasting leiden. Dit wordt nog regelmatig over het hoofd gezien.

Een lijfrente over het hoofd zien. Staat er een oudedagsvoorziening op de balans van de bv die u wilt splitsen? Zorg dat u dit vooraf in kaart brengt. Het verplaatsen hiervan kan onverwacht duur uitpakken.

Denken dat elke splitsing automatisch belastingvrij is. Dat is niet zo. Alleen als u aan alle voorwaarden voldoet, geldt de vrijstelling automatisch. Twijfelt u, vraag dan vooraf zekerheid aan bij de Belastingdienst.

Vergeten de fiscale eenheid te regelen. Heeft u een fiscale eenheid en splitst u een dochtermaatschappij? Denk aan het verzoek om deze in stand te houden, en dien dit als apart verzoek in, niet alleen verstopt in uw jaaraangifte.

Een checklist voordat u begint

Overweegt u een splitsing, loop dan voor uzelf deze punten langs voordat u naar de notaris stapt.

Weet u precies welk deel van uw vermogen naar welke bv moet gaan, en waarom? Een heldere, geschreven reden helpt u later, mocht de fiscus vragen stellen.

Heeft u een bedrijfspand in de structuur zitten? Ga na of dit gevolgen heeft voor de overdrachtsbelasting, zeker sinds de regels hierover zijn aangescherpt.

Staat er een lijfrente, pensioenvoorziening of andere oudedagsverplichting op de balans van de bv die u wilt splitsen? Breng dit vooraf in kaart, want dit kan de keuze tussen de verschillende splitsingsroutes flink beïnvloeden.

Heeft u een fiscale eenheid met een andere bv? Zorg dat u, als u deze wilt behouden, het juiste verzoek op tijd indient.

Is er een kans dat u, of de ontvanger van de aandelen, binnen drie jaar na de splitsing de aandelen alweer verkoopt? Bedenk dan vooraf hoe u de zakelijke reden voor de splitsing kunt onderbouwen, mocht de Belastingdienst daarnaar vragen.

En tot slot: heeft u voldoende tijd ingepland? Een splitsing is geen kwestie van een paar dagen. Reken op enkele maanden voorbereiding, zeker als er ook een schenking of verkoop op volgt.

Tot slot

Een juridische splitsing is geen doel op zich. Het is een instrument, net als een schroevendraaier of een hamer. Gebruikt u het voor het juiste doel, op het juiste moment, dan kan het u veel geld besparen bij een bedrijfsopvolging, bij het uit elkaar gaan met een compagnon, of bij het klaarmaken van uw onderneming voor verkoop.

Gebruikt u het verkeerd, of te laat, dan kan het u juist geld kosten. De regels zijn de afgelopen jaren bovendien flink in beweging geweest, met wijzigingen in de overdrachtsbelasting, een belangrijk arrest over de bewijslast bij verkoop binnen drie jaar, en nieuwe besluiten van de Belastingdienst die de spelregels verder hebben uitgewerkt.

Overweegt u een splitsing, laat u dan goed adviseren, en begin op tijd. De kosten van een splitsing zijn aanzienlijk, maar bijna altijd een goede investering vergeleken met de belasting die u anders zou moeten betalen.

Adviesgesprek aanvragen →

Gerelateerd: Fusie en splitsing van bv’s als voorbereiding op bedrijfsopvolging · Cumulatief preferente aandelen bij bedrijfsopvolging · De voorwaarden van de BOR: wat de wet eist bij schenken en bij erven · Hoe combineer je bedrijfsopvolging met een holdingstructuur?

Tags:
Categorieën